Ervaringsverhalen

Henk heeft schizofrenie

"Ik ben blij dat ik er nog ben"

Henk heeft schizofrenie

“Schizofrenie kan heel beangstigend zijn. Bij mij vervalt tijdens een aanval al het vertrouwen in de mensen om me heen, ik ben dan heel achterdochtig. Soms denk ik zelfs dat mijn medicatie een placebo is. Hulp zoeken vind ik moeilijk, ik trek altijd te laat aan de bel. Omdat ik ’s morgens, als ik geslapen heb, vaak denk ‘het gaat wel weer’. Ik wil me niet laten kennen, en er zelf uitkomen. 

Een gevoel van veiligheid is belangrijk als ik in de war ben, alles is dan eng. Als ik moet worden opgenomen, word ik uit mijn bekende omgeving gehaald. Ook al is het thuis niet ideaal, het vertrouwde voelt beter dan het onbekende. Daarom is de omgeving waarin je terecht komt bij een opname belangrijk. De mensen die daar werken, maken die veiligheid. Het gaat mij er vaak niet eens om wat er gezegd wordt, ik moet me welkom voelen. Ik ben blij dat er in Nederland instellingen zijn die mensen opvangen die het even niet meer redden in het leven. Waar je kunt bijkomen en waar je niet veroordeeld wordt omdat je het leven even niet meer aan kunt.

De begeleiding na afloop van een opname vormt een vangnet. Als mijn behandelaar een tijd niks van me hoort, belt ze op om te vragen hoe het gaat. Het FACT-team komt ook bij je thuis of helpt je als je weer aan het werk wilt. Ik sport twee keer in de week bij Doel Delfland, dat onderdeel is van GGZ Delfland. Dat is erg belangrijk voor me, vooral door de sociale contacten die ik daar opdoe.

Veel mensen vergeten dat iedereen in de psychiatrie terecht kan komen. Er hoeft soms helemaal niet zoveel voor te gebeuren, het komt in alle lagen van de bevolking voor. Schizofrenie blijft voor mij altijd een gevecht maar het gaat nu al een tijd goed met me. Als je geen baan hebt, tel je voor de maatschappij eigenlijk niet mee maar voor mij geven het behouden van mijn huis en de zorg voor mijn huisdieren mijn bestaan invulling. Er was een tijd dat ik het leven niet meer zag zitten en wel eens met een schuin oog naar de pillenkast van mijn moeder keek. Nu ben ik blij dat ik er nog ben. Als het aan mij ligt, word ik 110 jaar oud.”

Ik heb nu hulp nodig!